Spedizione gratuita a partire da 70€ in Olanda, 90€ in BE

De terugkeer van de zwarte bij: een verhaal over natuur, verbondenheid en herstel

Soms begint een groot verhaal met iets kleins. Met het zachte gezoem tussen de bloemen, een donkere vleugel in het zonlicht of een gesprek met iemand die zich met hart en ziel inzet voor de natuur.

Voor mij kreeg het verhaal van de zwarte bij een persoonlijke betekenis door het werk van mijn vader. Hij is betrokken bij een bijzonder project dat probeert de inheemse zwarte honingbij opnieuw een plaats te geven in de Nederlandse natuur. Hoe meer ik hierover hoorde, hoe meer ik besefte dat dit niet alleen een verhaal over bijen is. Het is ook een verhaal over thuiskomen, biodiversiteit, geduld en onze verantwoordelijkheid tegenover het landschap waarvan wij zelf deel uitmaken.

De terugkeer van de zwarte bij laat zien dat natuurherstel mogelijk is, maar ook dat het aandacht, samenwerking en langdurige toewijding vraagt.

Wie is de zwarte honingbij?

De zwarte honingbij, met de wetenschappelijke naam Apis mellifera mellifera, is een ondersoort van de westerse honingbij. Zij wordt ook wel de Europese donkere bij genoemd.

Deze bij kwam oorspronkelijk voor in een groot deel van West- en Noord-Europa en was lange tijd de honingbij die van nature bij het Nederlandse landschap hoorde. Vanaf de negentiende eeuw werden steeds meer andere ondersoorten en speciaal gefokte honingbijen naar Nederland gehaald. Tegenwoordig wordt in de Nederlandse imkerij vooral gewerkt met onder andere de carnica- en buckfastbij.

Daardoor is de oorspronkelijke zwarte bij sterk in aantal afgenomen. Volgens Wageningen University & Research zijn van de ongeveer 90.000 bijenvolken in Nederland hooguit circa 150 volken zwarte bijen. Veel daarvan bevinden zich op Texel, waar de zee een natuurlijke barrière vormt tegen vermenging met andere ondersoorten.

De zwarte bij is dus geen nieuw of exotisch dier dat in ons land wordt geïntroduceerd. Het is juist een bij die hier van oorsprong thuishoort.

warte bij op gele bloem

Copyright DDHBA

Waarom is haar terugkeer belangrijk?

Biodiversiteit gaat niet alleen over het behouden van zoveel mogelijk verschillende dieren en planten. Het gaat ook over genetische variatie binnen soorten en over de relaties die organismen gedurende lange tijd met hun omgeving hebben opgebouwd.

De zwarte bij heeft zich aangepast aan de flora, de seizoenen en het klimaat van Noordwest-Europa. Haar genetische eigenschappen maken deel uit van ons natuurlijke erfgoed. Wanneer zij zich kruist met andere ondersoorten, kan een deel van die unieke genetische identiteit verloren gaan.

Het beschermen van de zwarte bij draait daarom niet alleen om nostalgie. Een brede genetische diversiteit kan belangrijk zijn voor de weerbaarheid van populaties tegen veranderende omstandigheden, ziekten en klimaatverandering.

Tegelijkertijd moet bij natuurherstel altijd naar het volledige ecosysteem worden gekeken. Honingbijen leven naast talloze wilde bijen, zweefvliegen, vlinders en andere bestuivers. Al deze bestuivers hebben het moeilijk en verdienen daarom aandacht in natuurherstel.

De Dutch Dark Honey Bee Association benadrukt daarom dat honingbijen in natuurlijke dichtheden moeten worden gehouden, passend bij het draagvermogen van het gebied. Ook wil de organisatie habitats herstellen en ervoor zorgen dat er gedurende het hele seizoen voldoende voedsel beschikbaar is voor alle bestuivers. Bij voldoende voedsel zullen de bestuivers niet met elkaar hoeven te concurreren. 

Dat maakt het project breder dan het beschermen van één bij. Het gaat om het herstellen van een gezonde levensgemeenschap.

Het project van de Dutch Dark Honey Bee Association

De Dutch Dark Honey Bee Association, afgekort DDHBA, zet zich in voor het behoud en herstel van de zwarte honingbij in Nederland en Europa. De organisatie doet en ondersteunt onderzoek, ontwikkelt kennis over de ecologie en populatieontwikkeling van de bij en verspreidt die kennis via educatie, advies en voorlichting.

Een belangrijk onderdeel van het werk vindt plaats op en rond de Veluwe.

In 2022 werd in de bossen van de gemeente Nunspeet onderzocht of zwarte koninginnen daar zuiver konden paren met zwarte darren. DNA-onderzoek wees volgens de organisatie uit dat in het onderzochte gebied een zuiverheid tot 98,5 procent kon worden bereikt. Na deze proef werd besloten het initiatief verder uit te bouwen op Landgoed Welna en Landgoed Tongeren. Deze gebieden beslaan samen ongeveer 1.100 hectare.

Daar wordt gewerkt aan het vermeerderen en uitzetten van zwarte bijenvolken. Het uiteindelijke doel gaat verder dan het plaatsen van bijenkasten: de zwarte honingbij moet opnieuw als vrij levende populatie deel kunnen uitmaken van de natuur.

De organisatie wil onder andere voldoende nestgelegenheid creëren, bijvoorbeeld in holle bomen. Ook streeft zij naar grote, vrij parende populaties waarin genetische diversiteit behouden kan blijven.

Juist dat vind ik zo bijzonder aan het project. Het gaat niet om volledige controle over de bij, maar om het creëren van omstandigheden waarin zij haar eigen plaats in het ecosysteem kan terugvinden.

Natuurherstel vraagt om geduld

Wij leven in een tijd waarin veel processen snel moeten gaan. We willen direct resultaat zien en oplossingen het liefst kunnen meten in dagen of maanden.

De natuur werkt anders.

Een gezonde populatie ontstaat niet door één bijenvolk in een bos te plaatsen. Zij vraagt om geschikt leefgebied, voldoende voedsel, genetische variatie, nestgelegenheid, zorgvuldige monitoring en samenwerking tussen onderzoekers, imkers, landeigenaren, overheden en vrijwilligers.

Ook moet worden afgewacht hoe de volken zich ontwikkelen, of zij zelfstandig kunnen overleven en hoe zij zich verhouden tot andere bestuivers in het gebied.

De bij leert ons daarmee iets over een vorm van toewijding die niet onmiddellijk wordt beloond. Zoals honing druppel voor druppel ontstaat uit ontelbaar veel vluchten, zo groeit natuurherstel uit talloze kleine handelingen.

Een nestplaats maken.
Een onderzoek uitvoeren.
Een bloemenrijk gebied beschermen.
Een gesprek beginnen.
Kennis delen.
Een nieuw bijenvolk zorgvuldig volgen.

Geen van deze handelingen herstelt op zichzelf een ecosysteem. Samen kunnen zij echter een beweging vormen.

De zwarte bij als levend erfgoed

Wanneer we spreken over erfgoed, denken we vaak aan oude gebouwen, kunstwerken en historische voorwerpen. Maar erfgoed kan ook leven.

Zaden, bomen, plantenrassen en diersoorten dragen een geschiedenis in zich die niet in boeken kan worden opgeslagen. Hun genetische eigenschappen vertellen iets over het landschap waarin zij zich hebben ontwikkeld en over de relaties die zij door de eeuwen heen met dat landschap zijn aangegaan.

De zwarte honingbij is zo’n vorm van levend erfgoed.

Wanneer deze bij uit Nederland verdwijnt, verliezen we niet alleen een insect. We verliezen ook een deel van de ecologische geschiedenis van ons land. Haar bescherming is daarom een vorm van herinneren: erkennen dat wij een landschap hebben geërfd dat niet uitsluitend van ons is.

We delen het met alles wat er groeit, vliegt, kruipt en bloeit.

Copyright DDHBA

Thuiskomen in de natuur

Voor mij draagt de terugkeer van de zwarte bij ook een diepere, bijna spirituele betekenis.

De zwarte bij keert terug naar een omgeving waarin haar voorouders duizenden jaren leefden. Zij wordt niet gedwongen zich aan een vreemd landschap aan te passen, maar krijgt de mogelijkheid opnieuw thuis te komen in het ecosysteem waarmee zij verbonden is.

Dat roept ook bij ons vragen op.

Wat betekent het om werkelijk ergens thuis te horen?
Welke delen van onze eigen natuur zijn we onderweg verloren?
En kunnen ook wij opnieuw leren leven volgens het ritme van het landschap?

De moderne mens plaatst zichzelf vaak buiten de natuur. We spreken over natuur alsof het iets is wat we bezoeken, beschermen of gebruiken. Maar wij staan er niet buiten. Ook wij zijn afhankelijk van bodem, water, lucht, insecten en planten.

De bij herinnert ons daaraan. Haar leven is volledig verweven met haar omgeving. Zonder bloemen is er geen nectar. Zonder bestuiving ontstaan veel vruchten en zaden niet. Zonder geschikte nestplaatsen kan een volk niet overleven.

Alles bestaat in relatie.

Donkere vleugels en gouden honing

Ook in haar uiterlijk draagt de zwarte bij een mooie symboliek. Haar donkere lichaam contrasteert met het goud van honing, stuifmeel en zonlicht.

De kleur zwart kan worden verbonden met aarde, stilte, het onbekende en de vruchtbare duisternis waarin iets nieuws begint. Goud staat voor warmte, levenskracht, wijsheid en overvloed.

De zwarte bij verenigt deze twee werelden: donkere oorsprong en gouden opbrengst.

Dat maakt haar ook interessant vanuit de spirituele invalshoek van Insight Stones. Een steen als honingcalciet kan bijvoorbeeld symbool staan voor warmte, doelgerichte actie en de kracht van kleine, consequente stappen. Zwarte toermalijn kan worden verbonden met bescherming en het bewaken van wat kwetsbaar is. Mosagaat roept associaties op met groei, natuurverbinding en het herstel van leefgebieden.

In een volgend artikel wil ik dieper ingaan op de spirituele betekenis van bijen en op wat het bijenvolk ons kan leren over samenwerking, gemeenschap en wederkerigheid.

Honingcalciet

Wat kunnen wij zelf doen?

Niet iedereen kan zwarte honingbijen houden of deelnemen aan een onderzoeksproject. Toch kan vrijwel iedereen iets bijdragen aan een landschap waarin bijen en andere bestuivers beter kunnen leven.

Denk aan het planten van inheemse, gifvrij gekweekte bloemen die op verschillende momenten van het jaar bloeien. Laat delen van de tuin wat wilder, gebruik geen pesticiden en zorg waar mogelijk voor nestgelegenheid. Ook het steunen en delen van lokale natuurinitiatieven helpt.

Wie specifiek meer wil weten over het herstel van de zwarte honingbij kan het werk van de Dutch Dark Honey Bee Association volgen en ondersteunen. De organisatie zoekt niet alleen financiële steun, maar nodigt mensen ook uit om actief bij te dragen.

Bewustwording is daarbij een eerste stap. Wat mensen niet kennen, kunnen zij moeilijk beschermen.

Een verhaal dat doorgegeven mag worden

Het werk van mijn vader heeft mij laten zien hoeveel toewijding achter een natuurproject schuilgaat. De meeste mensen zien uiteindelijk misschien alleen een bij die van bloem naar bloem vliegt. Daarachter bevindt zich echter een netwerk van mensen die onderzoeken, observeren, samenwerken en blijven geloven dat herstel mogelijk is.

De terugkeer van de zwarte bij is daarom niet alleen het verhaal van één organisatie of één groep imkers. Het is een uitnodiging aan ons allemaal.

Een uitnodiging om beter te kijken naar wat van nature in ons landschap thuishoort. Om vooruitgang niet uitsluitend te zien als het introduceren van iets nieuws, maar soms ook als het herstellen van wat verloren dreigde te gaan.

Misschien keert de zwarte bij niet alleen terug naar de Nederlandse bossen. Misschien brengt zij ook iets terug in ons bewustzijn: het besef dat wij onderdeel zijn van een groter levend geheel en dat zorg voor de natuur uiteindelijk ook zorg voor onszelf is.

Want een gezond landschap ontstaat niet door steeds meer te nemen. Het ontstaat wanneer we leren ruimte terug te geven.

Bronnen en verder lezen

 

Lascia un commento